Soms staan we iets te weinig stil bij het geluk dat we hebben omringd te zijn door de liefste mensen. Vaak is alles maar evident. Je hebt je ouders, je broers of zussen, je kinderen, je familie, je vrienden, je collega’s. Dagelijks, wekelijks, maandelijks gaan we met hen om, maar veel te weinig staan we stil bij wat ze eigenlijk voor ons betekenen. Ook ik doe het niet altijd, maar wel vaak. Ik neem soms echt bewust even de tijd om erover na te denken, erbij stil te staan en te beseffen hoe graag ik al die mensen zie.

Vandaag sta ik extra stil bij mijn papa. De man die me grootgebracht heeft. De man die grijs haar kreeg toen ik 13 jaar was. De man die mij op vakantie extra in het oog hield als ik wat teveel bij de jongens rondhing. De man die mij op zijn schoot in slaap liet vallen als ik op een familiefeestje moe werd. De man die mij verliefd deed worden op de Belgische Ardennen en de Provence. De man die best wel streng maar rechtvaardig en vol liefde zijn zoon en dochter opvoedde.
Maar ook, en dat vergeet ik nooit, de man die mij als kind na een week in het ziekenhuis mee naar huis nam, kippenbouillon voor mij klaarmaakte en ervoor zorgde dat ik me in een mum van tijd weer helemaal beter voelde. Een week in het ziekenhuis ellendig voelen, om dan thuis dankzij de kippenbouillon van papa helemaal op te leven. Wel … vandaag ligt diezelfde man zelf in het ziekenhuis. Het komt helemaal goed met hem, dat is zeker, maar ook hij voelt zich nu ellendig. Want het liefst van al wil hij gewoon naar huis, in zijn eigen omgeving, omringd door de mensen die hem graag zien.
Wel, als hij thuiskomt, ga ik voor hem een kippenbouillon maken. Want dat verdient hij. Want hij is mijn papa, en papa’s zijn (samen met de mama’s) de liefsten op de wereld.






Geef een reactie